Worstenbroodjes

Kinderen zullen veel plezier beleven aan het rollen van de worstjes. Eigenlijk zijn deze worstenbroodjes te schattig om op te eten.

Ingrediënten (voor 18 worstenbroodjes)

1 ui
1 teentje knoflook
500 g lamsgehakt
1 eetlepel fijngehakte platte peterselie
75 g feta
1 eierdooier
melk
peper en Maldon zeezout

Voor het korstdeeg
110 g koude boter
250 g speltbloem
1 eetlepel ongeraffineerde rietsuiker
60 tot 80 g ijskoud water
Maldon zeezout

Instructies

Maak eerst het deeg.

Snijd de koude boter in blokjes.

Doe de bloem, de rietsuiker en de boter met een snufje zout in een keukenmachine en cutter tot een kruimelig mengsel. Laat het zeker niet te lang cutteren, want dan wordt het deeg warm en taai.

Voeg het water in scheutjes toe tot je een bal krijgt.

Kneed het deeg kort tot een plat vierkant, wikkel het in plasticfolie en leg het minstens 1 uur in de koelkast om op te stijven.

Verwarm de oven voor op 190 °C.

Pel de ui en de knoflook en snipper fijn.

Meng het gehakt met de ui, de knoflook en de peterselie.

Verbrokkel de feta en voeg toe. Meng. Kruid met peper en zout.

Bestrooi het werkblad en het deeg met bloem en rol het deeg uit tot een min of meer rechthoekige lap van 3 mm dik.

Snijd vierkantjes uit het deeg van 5 cm op 5 cm.

Rol kleine worstjes van 5 cm van het gehakt en leg ze schuin op de vierkantjes deeg. Doe wat water op de hoekjes van het deeg en plooi dicht. Druk bovenaan goed toe. Leg de gevulde deeglapjes net tegen elkaar op een bakplaat.

Klop de eierdooier los met een scheutje melk en wat zout.

Bestrijk het deeg met de eierdooier, zodat de worstenbroodjes mooi kleuren en goed samenblijven.

Zet de worstenbroodjes 25 minuten in de oven.